|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Portaal Turkije |
Turkije (Turks: Türkiye), officieel de Republiek Turkije (
Türkiye Cumhuriyeti (info·uitleg)), is een land dat voor het grootste deel in Azië ligt, op het schiereiland Anatolië (of Klein-Azië) tussen de Middellandse Zee en de Zwarte Zee. Turkije is een democratische, seculiere rechtstaat, en parlementaire republiek met een president aan het hoofd. De hoofdstad en de regeringszetel van het land is Ankara.
Een klein deel rond de grootste stad Istanboel ligt in Europa. Het Aziatische en het Europese deel worden gescheiden door de Dardanellen, de Zee van Marmara en de Bosporus, die gezamenlijk de Middellandse Zee met de Zwarte Zee verbinden. Turkije grenst aan acht landen: Bulgarije in het noordwesten, Griekenland in het westen, Georgië in het noordoosten, Armenië, Azerbeidzjan en Iran in het oosten, Irak en Syrië in het zuidoosten.
Het is mede-oprichter van de Verenigde Naties, de Organisatie van de Islamitische Conferentie, de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling en de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa. Het is ook een lid van de Raad van Europa sinds 1949 en lid van de NAVO sinds 1952. Sinds 2005 onderhandelen Turkije en de Europese Unie over toetreding van Turkije tot de EU.
Inhoud |
Het Turkije van vóór de komst der Turken wordt doorgaans Klein-Azië of Anatolië genoemd. Anatolië heeft een voorgeschiedenis die vele duizenden jaren teruggaat, waarin volkeren als Hettieten, Phrygiërs, Lydiërs, Urarteërs, Armeniërs en Grieken een grote rol hebben gespeeld.
In de 2e eeuw v. Chr. kwam Anatolië in de invloedssfeer van het Romeinse Rijk. Anatolië was de eerste provincie van het Romeinse Rijk waar een groot deel van de bevolking overging tot het christendom. Toen het westelijk deel van het Romeinse Rijk in verval raakte (omstreeks 400 na Chr.), werd Anatolië deel van het Oost-Romeinse of Byzantijnse Rijk, met Constantinopel als hoofdstad.
In die periode maakte de reeds eerder begonnen hellenisering grote vooruitgang. Het gebied werd grotendeels Griekstalig, met uitzondering van het oostelijke deel waar de Koerden en Armeniërs hun eigen taal behielden.
De Turken in het huidige Turkije zijn de afstammelingen van Oghuz-stammen die vanuit Centraal-Azië naar Anatolië zijn getrokken. In 1071 versloeg de Seltsjoekse leider Alp Arslan de Byzantijnse keizer Romanus IV in de Slag van Malazgirt. Dit resulteerde in de stichting van een Seltsjoeks sultanaat rond de stad Konya.
In 1176 deed de Byzantijnse keizer Manuel II een laatste poging om de in Centraal-Anatolië gevestigde Seltsjoeken te onderwerpen, maar zijn leger werd in de slag bij Myriokephalon vernietigend verslagen. Toen westelijke kruisvaarders in 1204 Constantinopel veroverden, raakte het Byzantijnse rijk zodanig verzwakt, dat in de komende eeuw vrijwel geheel Anatolië in handen van de Turken viel.
In 1453, ongeveer 200 jaar na de stichting van het Ottomaanse Rijk, veroverden de Turken Constantinopel. Deze stad werd de nieuwe hoofdstad van het Rijk. Dit luidde een periode in van culturele bloei en verovering van en heerschappij over grote delen van het Midden-Oosten, de Balkan en Noord-Afrika.
Het Ottomaanse Rijk kende zijn bloeitijd in de zestiende eeuw. Daarna trad het verval langzaam in en heroverden Oostenrijk en Rusland grote delen van het Ottomaanse grondgebied.
De macht van de Ottomanen in de Middellandse Zee maakten ook de eerste betrekkingen tussen de Turken en Nederlanders mogelijk. Het Ottomaanse Rijk verkeerde in oorlog met de Heilige Liga waar Spanje deel van uitmaakte. Gezien de gezamenlijke vijand zocht Willem van Oranje contact. Dit deed hij via Josef Nasi, een internationaal bankier die als Sefardische Jood gevlucht was voor de onderdrukkingen in Antwerpen en zich in Istanboel vestigde. Deze betrekkingen dateren vanaf 1571 en schilderijen die uit de 16e eeuw dateren, tonen de Turkse handelaren in de binnensteden die veel invloed hadden in de Nederlandse economie.[4][5]
Tijdens de Eerste Wereldoorlog kozen de Ottomanen partij met Duitsland, Oostenrijk en Bulgarije. Zij verloren de oorlog. De Ottomanen werden teruggedrongen tot hun kerngebied in Anatolië. Tijdens en kort na de oorlog werden diverse bevolkingsgroepen, zoals de Grieken, Armeniërs, Assyriërs gedwongen te verhuizen. Vele Armeniërs kwamen hierbij om het leven. Er woedt thans, 90 jaar na dato, een hevige discussie of er hierbij sprake is van uitlokking en volkerenmoord. Het officiële Turkse standpunt is dat er bij elke bevolkingsgroep tijdens WO1 in Anatolië slachtoffers vielen en geen ervan heeft exclusiviteit ten aanzien van genociden.
Het Sykes-Picotverdrag (1916) en het Verdrag van Sèvres (1920) regelden de verdeling van het Ottomaanse Rijk onder de overwinnaars. Daar dit laatste verdrag feitelijk het einde van een Turkse staat op Anatolië inhield[6] werd het door de Turken niet geaccepteerd. Het westelijk deel van Anatolië werd Grieks, zuidelijke delen kwamen onder Italiaans, Brits en Frans controle. Voor de Turken was slechts het noordelijk deel gereserveerd. De Turken namen daarom in de door hen zo genoemde Turkse onafhankelijkheidsoorlog het tegen de geallieerden op. Het was de legerleider Mustafa Kemal (die later de naam Ataturk aan zou nemen) die een bepalende rol speelde.
Hij tekent ook het Vrede van Lausanne (1923), die een eind maakt aan de oorlog en de grenzen van het nieuwe Turkije vastlegt. Hij stichtte op 29 oktober 1923 de Republiek Turkije.
Mustafa Kemal lanceerde hierna zijn politieke visie, het kemalisme geheten, die Turkije moest moderniseren. Zo werd het kalifaat afgeschaft, werd Turkije seculier (1928), veranderde het schrift van Arabisch naar Latijns, werd traditionele kleding afgeschaft en werd de hoofddoek verboden in openbare ruimtes.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog bleef Turkije lange tijd neutraal omdat eerdere oorlogen (bijvoorbeeld Balkanoorlogen en een jaar later de Eerste Wereldoorlog) haar veel ellende en leed hadden bezorgd, maar in februari 1945 verklaarde het - voornamelijk symbolisch - Duitsland en Japan de oorlog. In 1952 traden Turkije en Griekenland tegelijkertijd toe tot de NAVO. Hierdoor kreeg de NAVO toezicht op de Bosporus - een belangrijke scheepvaartroute voor de Russen.
In 1960, 1971 en 1980 pleegde het leger een staatsgreep. Na enkele jaren militair bestuur kwam er steeds weer een civiele regering. De staatsgreep van 1980 werd niet geaccepteerd door de Raad van Europa en de EG en leidde tot schorsing van het lidmaatschap van de Raad van Europa en schorsing van het associatieverdrag met de EG.
In 1974 vielen Turkse troepen op grond van het Garantieverdrag uit 1960 het noorden van Cyprus binnen na een coup van Nicos Sampson die de leiding had van een rebellenorganisatie EOKA met als doel Enosis. Dit verdrag, die tussen Turkije, Engeland en Griekenland gesloten was, stond militair ingrijpen toe als de status quo die tijdens de onafhankelijkheid in 1960 was afgesproken, ondermijnd werd. In dat verdrag werd onder meer bepaald dat Cyprus zich niet mocht binden of aansluiten bij andere staten (artikel I [7]). Conform artikel IV [7] was dan ingrijpen toegestaan. De interventie resulteerde uiteindelijk in een Turks-Cypriotische republiek die alleen door Turkije en Pakistan wordt erkend.
Vanaf het jaar 1980 strijden de separatistische Koerden in Oost-Turkije voor (gedeeltelijke) autonomie. Turkije erkent hun cultuur wel maar separatisme is verboden. Koerdisch onderwijs was verboden totdat rebellenleider Abdullah Öcalan opgepakt werd door de Turkse commando's in Kenia. Lange tijd werd zelfs het gebruik van de Koerdische taal verboden. De Koerdische rebellenbeweging PKK (Partiya Karkeren Kurdistane) - Arbeiders Partij Koerdistan) voerde jarenlang een guerrilla, maar na de arrestatie van hun leider Öcalan is de guerrilla geluwd. Op 4 april 2002 besloot de partij de gewapende strijd op te geven.
Sinds 2003 is in Turkije de partij AKP aan de macht met premier Recep Erdoğan.
Sinds 3 oktober 2005 onderhandelen Turkije en de Europese Unie over toetreding van Turkije tot de EU.
In de jaren voorafgaande aan 2001 beleefde de Turkse economie een grote crisis met torenhoge inflatie. Naast economische en monetaire hervormingen waren het de terroristische aanslagen op 11 september 2001 die het land er weer bovenop brachten: als enige NAVO-land met een overwegend islamitische bevolking werd Turkije plotseling van geopolitiek belang als intermediair tussen het Westen en de islamitische wereld, en kreeg daarom aanmerkelijke financiële steun. Als tegenprestatie speelde Turkije een leidende rol in de vredesmacht in Afghanistan. Maar ook de binnenlandse politiek van Kemal Dervis, superminister van economie en financiën, speelde een niet te onderschatten rol.
Onder zware druk van de EU zijn de politieke bevoegdheden van het leger geschrapt en heeft de Koerdische minderheid meer rechten gekregen.
Bij het begin van de 20e eeuw telde het gebied dat nu Turkije is 12 miljoen inwoners; dat aantal is nu ruim vervijfvoudigd [8]. In Turkije wonen er 71.892.807 (2008) mensen. Hiervan zijn 73% Turken, 21% Koerden, 2% Tsjerkessen, 2% Arabieren, 0,5%Lazen, 0,1% Syriërs, 0,06% Armeniërs en 0,01% Abchazen. De Turkse bevolking is relatief jong met 25.5% in de groep 0 tot 15 jaar.
In Turkije is Turks (90,5%) de enige officiële taal. Tot de vele minderheidstalen behoren Koerdisch (18,6%), Arabisch (3%), Armeens, Lazisch, Georgisch, Adyghe, Ladino en andere. Het Turks kwam met de naar het westen trekkende nomaden ongeveer in de tiende eeuw in Klein-Azië. Sinds 1928 wordt het Turks volgens het Latijns alfabet geschreven. Het huidige Turks heeft veel leenwoorden overgenomen uit het Frans en het Arabisch. Tot in het westen van China wordt op de Kaukasus en in Centraal-Azië nog door miljoenen mensen een Turkse taal gesproken. In het oosten van Turkije worden Koerdische dialecten gesproken. De tot dan toe verboden Koerdische taal mocht door de overheid in 1991 weer in het openbaar worden gebruikt. Sindsdien zijn er echter nog steeds gevallen van onderdrukking van de Koerdische taal.[9][10]
Turkije heeft geen staatsreligie. De belangrijkste religie in Turkije is de islam, waarvan volgens schattingen (in Turkije wordt iemands religie niet geadministreerd) 99,8% van de bevolking een aanhanger is.[11] De islam in Turkije heeft een stroming, die van de alevieten, waar ongeveer 20% (ongeveer 15 miljoen aanhangers) van de moslims in Turkije onder vallen. Deze stroming kan beschouwd worden als de liberale tak van de islam.
Volgens de heersende doctrine van het kemalisme is de staat seculier. De staat heeft een ministerie voor godsdienstzaken, de Diyanet, die de moskeeën controleert en alle imams opleidt. De Diyanet volgt een stroming binnen het soennisme. De meeste Turken hangen de officiële stroming aan, maar tussen de 7% en 30% hangt een sjiitische stroming aan. De belangrijkste sjiitische stroming is het alevitisme en een minderheid, vooral etnische Azeri's, volgt het twaalver sjiisme.
Naast de islam erkent de Turkse staat drie andere religies: de Grieks-Orthodoxe Kerk, de Armeens-Orthodoxe Kerk en het jodendom, die bij elkaar 0,2% aanhangers hebben onder de Turkse bevolking. [11] Begin twintigste eeuw bedroeg het aantal christenen in het Ottomaanse rijk nog 30 % van de bevolking. In de 20e eeuw liep dat aantal sterk terug, enerzijds doordat het Ottomaanse Rijk in de Balkanoorlogen (1912-1913) grondgebied verloor waar veel christenen wonen en anderzijds door verbanning, emigratie, volkerenmoord en vervolging. [12]
In de eerste eeuwen was het huidige Turkije een bloeiend kerkelijk gebied onder de leiding van Constantinopel. Het Byzantijns-orthodox oecumenisch patriarchaat is nog steeds gevestigd in Istanboel. De katholieken van Armeense, Chaldeeuwse, Byzantijnse en Latijnse ritus hebben ieder hun eigen hiërarchie. Sinds 1960 bestaan diplomatieke betrekkingen tussen Turkije en het Vaticaan en in 1966 werd een apostolische nuntiatuur opgericht.
Turkije is staatkundig verdeeld in 81 provincies. Deze zijn weer onderverdeeld in 923 districten.
De hoofdstad is:
Enkele andere grote steden, met inwoneraantal in miljoenen, zijn:
Turkije ligt in een gebied met een complexe tektonische structuur. Het grootste deel van Turkije ligt op de Anatolische Plaat. Deze kleine tektonische plaat zit in het oosten als het ware ingeklemd tussen de naar elkaar toe bewegende Euraziatische en Arabische platen.
In het noorden, langs de zuidoevers van de Zwarte Zee, wordt de Anatolische plaat begrensd door de Euraziatische Plaat. Hier loopt de Noord-Anatolische Breukzone. Deze breukzone heeft vele zware aardbevingen veroorzaakt. De begrenzing met de Arabische plaat wordt gevormd door de Oost-Anatolische Breukzone. Dit is de breukzone waarlangs de beving bij Bingöl op 1 mei 2003 zich naar men aanneemt heeft voorgedaan. Als gevolg van de grootschalige bewegingen wordt het Anatolische blok naar het westen gedreven. Dit veroorzaakt niet alleen seismische activiteit in het noorden en in het oosten van Turkije maar ook in het westen, langs de kusten van de Middellandse Zee, waar het aansluit bij de activiteit in Griekenland.
Turkije ligt niet alleen cultureel, maar ook qua klimaat op een kruispunt. Het Oosten van het land en centraal-Anatolië bezitten een uitgesproken landklimaat met zeer hete zomers en ijskoude winters waarin zeer veel sneeuw kan vallen. De gebieden langs de Middellandse Zee hebben een mediterraan klimaat terwijl de noordkust een warm zeeklimaat heeft. Het Zuidoosten, uitgezonderd het berggebied in het extreme Zuidoosten, is overwegend droog en plaatselijk zelfs woestijnachtig; Turkije heeft gedeelten met zeer weinig neerslag, waar dan ook zoutmeren zijn gevormd. Vanaf Izmir gaande van West naar Oost neemt de hoeveelheid neerslag langzaam af, maar langs de noord- en zuidkust valt relatief veel regen, met name in het noordelijk kustgebergte.
Turkije ligt gemiddeld meer dan 800 m boven zeeniveau en kent een groot aantal geïsoleerde gebergten die het lokale klimaat sterk beïnvloeden. Aan de noordzijde zijn dit onder meer de Uludag bij Bursa (2560 m (dag of daglari is Turks voor gebergte) het noordelijk kust- of regengebergte oostelijk en westelijk van Samsun (toppen tot 1775 m), Karagöl dag (3025 m), Zigana dag (3000 m), Soganli dag (3385 m) bij Giresun, Rize daglari (3711 m), Kackar dag (3937 m) bij Trabzon (het klassieke keizerrijk Trebizonde). Aan de zuidzijde liggen langs de kust het Mentese Dag (1750 m), het Ak dag (3025 m) en de zeer uitgestrekte Toros Daglari (3585 m) en de Aladag (3734 m). Geïsoleerd liggende gebergten in het oosten die een duidelijk eigen klimaat hebben, zijn de Süphan dag (4404 m) noordelijk van het Vanmeer dat zelf op 1720 m hoogte ligt, het Ararat-massief (5165 m), de Palandöken dag (3124 m), Sat daglari (3630 m) en de Cilo dag (4168 m) in het verre zuidoosten. De toppen van deze gebergten zijn vaak tot ver in het jaar besneeuwd, wat het omliggend gebied tot ver in het seizoen van smeltwater voorziet. In de streek rond Erzurum (op ca. 1850 m boven zeeniveau) duurt het groeiseizoen slechts 3-4 maanden: van juni tot september; de rest van het jaar ligt er sneeuw. De klimaatomstandigheden hoog in de Turkse bergen zijn goed te vergelijken met die in de Alpen, hoewel hitte en kou wel extremer kunnen zijn.
Kenmerkend voor Turkije zijn uitgestrekte vlakten die aan alle zijden afgebakend worden door de gebergten. Door deze vlakten slingeren rivieren die voor een groot deel nog helemaal natuurlijk zijn, dus met vlechtpatronen, stroomruggen, rivierduinen, veel moerassen. Die moerassen kunnen zich over grotere oppervlakten uitstrekken -- net als de stoffige zandwoestijnen in het centrale en zuidoostelijke deel. Centraal Turkije ontvangt weinig regen maar heeft anderzijds een sterke verdamping waardoor er middenin de driehoek Konya - Ankara - Kayseri een groot zoutmeer, het Tuz Gölü is ontstaan. In het westen lijkt het landschap op dat van Griekenland: deels met bos begroeid heuvelland, plaatselijk tot berglandschap, met veel kleinere en een enkele grotere rivier, de Menderes, ofwel Meander.
De flora van Turkije is buitengewoon rijk - volgens een recente lijst komen er 9222 verschillende soorten hogere planten voor. Dat kan alleen worden verklaard in samenhang met het hier boven beschreven scala aan geïsoleerd liggende gebergten die als eilanden boven de tussenliggende (hoog)vlakten uitsteken. Die hoogvlakten zijn ook maar gedeeltelijk in cultuur gebracht, hoewel de afname van de oppervlakte aan 'woeste grond' snel verloopt. Maar Turkije bezit op veel plaatsen nog uitgestrekte moerassen met vele soorten gladiolen, lelie-achtigen en lipbloemigen. Op drogere plaatsen komen we de 391(!) soorten van het geslacht Astragalus tegen, dit zijn vlinderbloemigen die meestal gekromde kleine peultjes hebben. Ook verder zijn de vlinderbloemigen uiterst talrijk. Verder zijn distels in een ongelooflijke variatie en in de prachtigste kleuren gewoon. Toorts-soorten zijn er tientallen terwijl ook klaversoorten zeer verspreid zijn. De klokjesbloemenfamilie is door veel diep- en hemelsblauwe soorten vertegenwoordigd net als die van de gentianen. Zeer soortenrijk zijn ook de orchideeën en de bolgewassen waaronder meerdere soorten tulpen. Nederland mag zichzelf dan als tulpenland beschouwen, alle tulpen die in Nederland worden gekweekt vinden hun oorsprong in Turkije en de aangrenzende landen. Bolgewassen zijn namelijk bij uitstek verbonden met drogere streken en daartoe kun je Nederland moeilijk rekenen. De diversiteit aan klimaten die Turkije heeft is natuurlijk ook een belangrijke factor voor de verscheidenheid aan plantensoorten; verder telt ook mee dat Turkije nooit onder een ijskap heeft gelegen zoals Nederland wel meemaakte. Weliswaar zijn de gletsjers in de bergen in die periode zeker groter geweest dan nu, maar de laaglanden en een groot deel van de hoogvlakten is steeds ijsvrij gebleven. Ook het feit dat de gebergten van Turkije geen gesloten muren vormen maar juist veel 'hiaten' vertonen zorgde dat planten uit allerlei streken vrij makkelijk naar Turkije konden migreren. Een recent boek over de flora van Turkije is dat van de Oostenrijker Gerhard Pils: Flowers of Turkey, met ca. 4000 foto's. De Turkse flora wordt bestudeerd door medewerkers van meerdere Turkse universiteiten, onder meer die van Istanboel en Erzurum. De Nederlander Carel Kreutz publiceerde een boek speciaal over de Turkse Orchideeën, eveneens met vele foto's.
De fauna van Turkije is nog niet uitputtend onderzocht hoewel de laatste 50 jaar belangrijke vorderingen zijn gemaakt. Grote zoogdieren en vogels die elders zeer zeldzaam zijn vindt men nog wel in Turkije, hoewel ook zij steeds meer onder druk staan: Europese wolf, bruine beer, vale gier, lammergier, steenarend, lanner valk en oehoe zijn enkele voorbeelden. Langs rivieren in het noordoosten vindt men de reuzenstern, terwijl in de meer mediterrane gebieden scharrelaar, hop, bijeneter en meerdere soorten ijsvogels voorkomen. Turkije is rijk aan vlinders en er komen talloze insecten voor: expedities van Nederlandse entomologen naar Turkije leverden in de afgelopen decennia tientallen nog niet beschreven soorten op.
|
Romeinse cultuur in de Basilica Cisterne
|
Het weven van tapijten werd voor het eerst gedaan door de Seltsjoeken. Eerst werd het tapijtweven als kunst uitgevoerd, maar al gauw werd het kleed gebruikt als gebedskleed. Pas later werden echte tapijten gemaakt. De echte handgeweven tapijten zijn duur, maar ze gaan wel een leven lang mee. Er zijn drie verschillende tapijten:
Turkije kent een grote variëteit aan festivals en feestdagen, waarvan sommige nationaal zijn, andere lokaal en weer andere religieus. Sommige feestdagen vinden elk jaar op dezelfde dag plaats, andere zijn gerelateerd aan de maankalender en veranderen van datum. In 1935 werd de nationale rustdag de zondag in plaats van de traditionele islamitische vrijdag.
Enkele feestdagen in Turkije:
In Turkije is voetbal de belangrijkste sport, de hoogste voetbaldivisie van het land heet de Turkcell Süper Lig, waarin 18 clubs tegen elkaar uitkomen. Andere populaire sporten zijn onder meer basketbal, volleybal, worstelen, gewichtheffen en Formule 1.
Turken staan ook bekend als heel fanatieke supporters. Op Europees- of Wereldkampioenschap voetbal is dat goed te merken. De Turken gaan dan de straat op met de auto toeterend en zwaaiend met de Turkse vlag.
Volgens de in november 1982 per referendum goedgekeurde grondwet wordt de president voor een periode van zeven jaar gekozen door het parlement, hij benoemt de ministers en de rechters en is tevens hoofd van de invloedrijke Nationale Veiligheidsraad. De grondwet voorziet in één kamer, de Nationale Assemblee, bestaande uit 550 leden, met algemeen kiesrecht gekozen voor een periode van vijf jaar. Politieke partijen die communisme, fascisme of religieus fundamentalisme aanhangen zijn verboden, evenals de Koerdische partij PKK.
Turkije hoort bij de G20, een wereldgroep die de 20 grootste economieën van de wereld bij elkaar brengt.
Sinds 2001 neemt de regering in Ankara vergaande maatregelen om de economie te verbeteren. Daarvoor was er geen sprake van een voldragen vrijemarkteconomie: een groot deel was in handen van de staat, de inflatie was enorm, de openbare financiën functioneerden slecht, het overheidstekort was hoog en er was veel corruptie.
In 2000 en 2001 werd Turkije door een zware financiële en economische crisis getroffen. In mei 2001 werd Kemal Derviş binnengehaald als politiek onafhankelijk staatsminister voor de economie. Onder zijn leiding werd een indrukwekkend aantal economische hervormingen doorgevoerd, ondersteund door het Internationaal Monetair Fonds (IMF). De bancaire sector werd geherstructureerd en er werd een begin gemaakt met de liberalisering van de energiesector.
Vanaf de tweede helft van 2003 heeft de Turkse regering veel wetten aangenomen die leidden tot verdere hervormingen. Een voorbeeld is de wet op de buitenlandse investeringen, die het investeringsklimaat voor buitenlanders sterk verbeterde.
De economische groei is gebaseerd op een aantal eigenschappen van Turkije zelf: een redelijk goed opgeleide, jonge bevolking, lage arbeidskosten en een kruisligging ten opzichte van Europa, Azië en het Midden-Oosten.
Toerisme wordt in Turkije steeds belangrijker, vooral de badplaatsen langs de kusten zijn populair zoals o.a. Bodrum, Alanya, Marmaris, Kuşadası en Antalya ook wel bekend als de Turkse Rivièra. Steden met veel cultuur en geschiedenis zoals Istanboel en Bursa zijn steden waar veel toeristen naar toe gaan. Bijzonder aan Turkije is dat er bijna alles te beleven valt zoals in Saklikent, omdat het zo dicht bij Antalya ligt, is dit één van de weinige plaatsen ter wereld waar men ‘s ochtends kan skiën en ‘s middags kan zwemmen.
| Zie ook de Atlas van Turkije op Wikimedia Commons. |
| Zoek Turkije op in het WikiWoordenboek. |
| Landen in Europa |
|---|
|
Albanië · Andorra · Azerbeidzjan · België · Bosnië en Herzegovina · Bulgarije · Denemarken · Duitsland · Estland · Finland · Frankrijk · Georgië · Griekenland · Hongarije · IJsland · Ierland · Italië · Kroatië · Letland · Liechtenstein · Litouwen · Luxemburg · Macedonië · Malta · Moldavië · Monaco · Montenegro · Nederland · Noorwegen · Oekraïne · Oostenrijk · Polen · Portugal · Roemenië · Rusland · San Marino · Servië · Slovenië · Slowakije · Spanje · Tsjechië · Turkije · Vaticaanstad · Verenigd Koninkrijk · Wit-Rusland · Zweden · Zwitserland |
| Europese Unie | ||
|---|---|---|
|
|
||
| Landen in Azië |
|---|
|
Afghanistan · Armenië · Azerbeidzjan · Bahrein · Bangladesh · Bhutan · Brunei · Cambodja · China · Cyprus · Egypte · Filipijnen · Georgië · India · Indonesië · Irak · Iran · Israël · Japan · Jemen · Jordanië · Kazachstan · Kirgizië · Koeweit · Laos · Libanon · Maldiven · Maleisië · Mongolië · Myanmar · Nepal · Noord-Korea · Oezbekistan · Oman · Oost-Timor · Pakistan · Qatar · Rusland · Saoedi-Arabië · Singapore · Sri Lanka · Syrië · Tadzjikistan · Taiwan · Thailand · Turkmenistan · Verenigde Arabische Emiraten · Vietnam · Zuid-Korea |
| Bronnen, noten en/of referenties: |
|