Outils :Vous avez un site web ? Un blog ?
Technorati reactions rencontre |
Een organisatie is een doelgerichte samenbundeling van kennis, vaardigheden en kracht tussen drie of meer personen die primair middelen en activiteiten aanwendt om te voorzien in de behoefte aan producten en/of diensten in haar omgeving — samenvattend aan te duiden als haar 'primaire proces'. Het is opgebouwd uit de complementaire begrippen taakverdeling en coördinatie.
Het begrip organisatie is ook uit te breiden tot elk samenwerkingsverband tussen twee en meer personen. Zodoende zal bijvoorbeeld een gezin (partnerschap) er ook onder vallen.
Inhoud |
De drie basispijlers, waarop elke organisatie berust zijn: kennis, kader en controle:
Het kennisaspect wordt vaak onderschat en daardoor ook te laag gewaardeerd.
Het kader is de sturende kracht in het samenwerkingsverband en draagt de grootste verantwoordelijkheid. Zwakheden in een organisatie dienen daarom niet in de eerste plaats op de werkvloer te worden gezocht, maar in het falen van het kader. Kader dient een toegevoegde waarde voor de organisatie te hebben.
De organisatie dient te worden gecontroleerd, de top zowel als de controleur. Belangrijkste doelstellingen hierbij zijn: verbetering van het functioneren en het gedrag van de betrokken persoon, spiegel voorhouden, bijscholing, voorkomen van fraude en corruptie. Controle wordt vaak bemoeilijkt door overwegingen van privacy.
Verder zijn er twee soorten organisaties te onderscheiden:
Een belanghebbende of stakeholder is een persoon of organisatie die invloed ondervindt (positief of negatief) of zelf invloed kan uitoefenen op een specifieke organisatie, een overheidsbesluit, een nieuw product of een project. Voor ondernemingen zijn bekende stakeholders bijvoorbeeld werknemers, milieuorganisaties en omwonenden.
Door de invloed die sommige stakeholders kunnen uitoefenen is het voor ondernemingen belangrijk om rekening te houden met stakeholders. De invloed kan zowel positief als negatief zijn op het verwezenlijken van het bedrijfsbelang.
In de theorie en praktijk wordt onderscheid gemaakt in de formele organisatie en de informele organisatie. De formele organisatie is het geheel van de officieel vastgestelde procedures en gezagsverhoudingen, zoals vastgesteld in het organisatieschema. De informele organisatie is de sociale structuur van de werknemers, die het werk en de gedragscodes met elkaar afstemmen.
Een organisatieschema, organogram of organigram is een afbeelding, model of schema van een organisatiestructuur van een onderneming; Een dergelijk schema brengt in kaart uit hoeveel verschillende divisies en afdelingen een organisatie bestaat (eventueel wie het hoofd is en wie medewerkers), en in welke hiërarchische verhouding de afdelingen en medewerkers ten opzichte van elkaar staan.
De organisatiestructuur is de wijze waarop taken binnen een organisatie zijn verdeeld en de wijze waarop vervolgens afstemming tussen deeltaken tot stand is gebracht. Het heeft dus te maken met de verdeling van activiteiten over afdelingen en de taken van de werknemers. De organisatiekunde is de theorie van het opzetten van organisaties. De organisatiestructuur is een hulpmiddel dat ervoor moet zorgen dat een organisatie zijn doelen kan bereiken. Het vraagstuk van de juiste organisatiestructuur speelt met name in grote organisaties. Daar moet men nadenken over zaken als taakverdeling, verdeling van verantwoordelijkheden en van bevoegdheden en daarmee samenhangend over het coördineren van die taken en verantwoordelijkheden.
De meest bekende organisatie structuur zijn:
De rechtsvorm van een bedrijf, onderneming of organisatie, is de juridische vorm waarin de onderneming is gegoten. De eenvoudigste bedrijfsvorm is de eenmanszaak. Bij de eenmanszaak is de eigenaar van de zaak ook de bestuurder en is de winst of het verlies van de onderneming gelijk aan de winst of het verlies van de ondernemer.
Andere rechtsvormen zijn:
Specifieke type van zelfstandige organisaties zijn onder andere:
Binnen het bedrijfsleven heeft de kennis op dit gebied, organisatiekunde, zich vooral ontwikkeld in de Verenigde Staten tijdens de tweede industriële revolutie aan het eind van de 19e eeuw. Dit kwam doordat door de ontwikkeling van de massa-industrie en de mogelijkheden die dit bood ook vele problemen ontstonden, met name op het gebied van efficiency.